Woensdagavond (20u30) kennen we de eerste finalist van de Beker van België. Een week na de heenmatch staan Union Saint-Gilloise en Sporting Charleroi opnieuw tegenover elkaar. In de heenwedstrijd bleef het 0-0. Een open uitgangspositie, maar mogelijk in het nadeel van de Zebra’s. Op bezoek gaan in Sint-Gillis is nooit eenvoudig en er zal een bijzonder hoog niveau nodig zijn om de kwalificatie af te dwingen.
Union, de rustige kracht
Afgelopen weekend haalde Union het met 2-1 van de RAAL, nadat het eerst op achterstand was gekomen. Wat indruk maakt bij de Brusselse ploeg, is de rust die ze uitstraalt. Dat zagen we eerder al tegen Club Brugge (1-0). Zelfs wanneer het spel tegenzit of wanneer het op achterstand komt, raakt de ploeg van David Hubert niet in paniek. Ze blijft trouw aan haar plan en slaagt er uiteindelijk in om het verschil te maken. Op nationaal niveau is Union al elf wedstrijden ongeslagen. Voor een laatste thuisnederlaag in eigen land moeten we terug naar 20 juli en de Belgische Supercup.

De defensieve stabiliteit, gecombineerd met een degelijke offensieve efficiëntie (die nog beter kan), helpt Union om zich uit moeilijke situaties te redden. Thuis start het dan ook als logische favoriet tegen Sporting Charleroi, zonder dat de druk ondraaglijk groot is.
Druk op Charleroi?
De Zebra’s dromen ervan om voor het eerst sinds 1993 de finale te bereiken en het eerste grote trofee uit hun clubgeschiedenis te veroveren. Het is bovendien twintig jaar geleden dat ze nog eens de halve finales haalden. De verwachtingen zijn dus groot, zowel bij het bestuur als bij de supporters. Zonder expliciet te eisen dat de ploeg moet winnen, is er toch een indirecte interne druk die op de schouders van de spelers weegt.

Kan Charleroi Union verrassen? Heeft de rotatie van vorig weekend en de 3-4-nederlaag tegen Cercle het vertrouwen aangetast? Sporting trekt met meer vragen dan antwoorden naar Brussel. Nochtans beschikt de ploeg over de wapens om pijn te doen, met Parfait Guiagon als mogelijk gevaarlijkste man voorin en Yacine Titraoui als creatieve motor op het middenveld.



