Met een beslissend doelpunt tegen Royal Antwerp FC zaterdag schonk Ross Sykes (26) zijn ploeg in blessuretijd de overwinning. Dankzij dat doelpunt blijft de Brusselse club aan de leiding, nipt voor Sint-Truidense VV en Club Brugge KV. Voor Sykes is het ook een bevestiging van zijn sterke seizoen: vandaag behoort hij tot de beste verdedigers van de competitie. Nochtans was zijn parcours bij Union niet altijd vanzelfsprekend.
Blessures en bankzittersrol
Sykes kwam in de zomer van 2022 over van Accrington Stanley naar het Dudenpark en zit intussen aan zijn vierde seizoen bij Union. Hoewel hij vandaag een vaste waarde is in het systeem van David Hubert, was dat niet altijd zo. De Engelse verdediger wisselde geregeld basisplaatsen af met periodes op de bank.

Ook blessures speelden hem parten. Vorig seizoen miste hij door een voetblessure een tiental wedstrijden, waardoor hij terrein verloor in de hiërarchie. Het vertrek van Koki Machida zorgde echter voor nieuwe kansen achterin, waarvan Sykes optimaal profiteert.
Efficiëntie boven esthetiek
Ross Sykes belichaamt het klassieke profiel van een centrale verdediger: groot, robuust en zonder franjes. Met zijn 1m96 imponeert hij fysiek, maar vooral in de duels toont hij zijn waarde. Stevig zonder overdreven hard te zijn, ruimt hij zijn zone autoritair op. Altijd staat er een voet, een schouder of een hoofd tussen om gevaar te neutraliseren.
Zijn spel steunt op anticipatie, discipline en timing. Hij creëert net dat fractievoordeel dat een aanvaller verstikt en de hele defensie rust geeft. Geen frivoliteit, geen overbodige risico’s in de opbouw, maar eenvoudige en doeltreffende keuzes. Sykes zoekt zelden de schijnwerpers op. Hij brengt wat elke trainer stilletjes verlangt: stabiliteit, betrouwbaarheid en een aanwezigheid die een verdediging doet staan als een huis.



