Parallel met Paris–Nice ging maandag de Italiaanse rittenkoers van start met een individuele tijdrit van 11,5 kilometer in Lido di Camaiore. Ganna, renner van INEOS Grenadiers, legde het parcours af in 12’08’’. Zijn ploegmaat Thymen Arensman eindigde tweede op 22 seconden, terwijl Max Walscheid (Lidl–Trek) derde werd op 26 seconden. Zo is Ganna de eerste leider van de editie 2026.
Het parcours was identiek aan dat van vorig jaar, toen Ganna ook al won. De enige echte moeilijkheid was een S-bocht op ongeveer 1200 meter van de finish. Het traject was dus ideaal voor de Italiaanse tijdritspecialist, die ondanks eigen twijfels over zijn vorm toch zijn favorietenrol waarmaakte. Het is nu afwachten of hij dinsdag zijn leiderstrui kan behouden tijdens een veel lastigere rit.

Teleurstelling voor Van Aert
Van Wout van Aert (Team Visma | Lease a Bike) werd meer verwacht, maar de Belg stelde teleur met een 59e plaats op 1’10’’ van Ganna. Mogelijk spaart hij zich voor de meer selectieve etappes die beter liggen voor aanvallers.
De beste Belg was Ilan Van Wilder (Soudal Quick-Step) met een 20e plaats op 48 seconden. Bij Alpecin-Deceuninck was Tibor Del Grosso de eerste renner van de ploeg (60e op 1’10’’), terwijl bij Intermarché–Wanty Huub Artz 18e werd op 44 seconden.

Zware rit op komst
Dinsdag trekt het peloton over 206 kilometer door Tuscany, van Camaiore naar San Gimignano. De heuvelachtige rit lijkt ideaal voor aanvallers en punchers. In de finale ligt zelfs een strook met witte grindwegen, wat doet denken aan de Strade Bianche. Dat kan voor spektakel zorgen en de verschillen uit de tijdrit al flink door elkaar schudden.



